Vrijheid 37

Frans Meynendonckx werd op 15 mei 1889 geboren in Arendonk als zoon van Joannes Baptist Meynendonckx en Maria Cornelia Crols. Frans Meynendonckx trad op 29 maart 1913 in het huwelijk met Joanna Francisca Claessen, kregen 7 kinderen en woonde op Vrijheid 37 te Arendonk.

Als jonge onderofficier had Frans de Grote Oorlog van 1914-1918 meegemaakt. Een zware oorlogsverwonding verbrijzelde zijn linkerbeen, waardoor het na herstel 9 centimeter korter was dan het rechter. Hij keerde terug naar Arendonk met het Oorlogskruis op de borst en een diepe, onuitwisbare trots.

Ook Joanna Francisca Claessen keek niet lijdzaam toe. Op 6 december 1914 riskeerde de jonge Joanna haar leven bij de beruchte Dodendraad, de grensversperring tussen het bezette België en het neutrale Nederland, door 4 mannen, die zich via Nederland bij het vrije Belgische leger wilden voegen, over de grens te smokkelen. 

Na de oorlog 14-18 werd Frans aangesteld als Veldwachter 1ste klas in Arendonk.

Op 3 januari 1942 sloot Frans zich aan bij de Nationale Koninklijke Beweging (NKB).

Terwijl de bezetter een strikte avondklok en spertijd instelde, had de Arendonkse veldwachter een legaal mandaat om dag en nacht op straat te vertoeven. Wanneer er jacht werd gemaakt op onderduikers, greep de veldwachter in. Hij waarschuwde de families vooraf, vervalste documenten of keek simpelweg de andere kant op tijdens zijn patrouilles. Hij weigerde pertinent om de bezetter te assisteren bij hun klopjachten.

Frans werd één van de belangrijkste lokale verspreiders van verboden krantjes in de Antwerpse Kempen. Het bezit ervan betekende de doodstraf of deportatie. Frans Jozef verstopte de clandestiene literatuur onder zijn veldwachtersjas of in geheime compartimenten van zijn fietstassen.

Op 21 juli 1944 werd Frans uit zijn huis gehaald door de Sicherheitspolizei en overgebracht naar de gevangenis aan de Begijnenstraat in Antwerpen waar hij wekenlang werd vastgehouden in een overvolle cel. Ondanks de dreiging van marteling en de angst voor wat er met zijn gezin zou gebeuren, zweeg de veldwachter. Hij noemde geen enkele naam van zijn makkers uit de NKB of de sluikpers.

Op 9 augustus 1944 werd Frans Jozef op transport naar de concentratiekampen in Duitsland gezet. Een dag later, op 10 augustus 1944, stond hij op het perron van het concentratiekamp Buchenwald.

Officiële Duitse transport- en registratielijst van neuzugänge (nieuwe gevangenen) in het concentratiekamp Weimar-Buchenwald. Frans Meynendonckx staat vermeld als nr 91, Jozef Keustermans als nr 13.

Frans kreeg in Buchenwald een nummer: 75491, met de rode driehoek van de politieke gevangene en de letter B voor Belg. De nazi-bureaucratie legde alles vast, ook dat zijn linkerbeen 9 centimeter korter was dan zijn rechter.

De SS-administratie nam alles van hem af: zijn burgerkleding, zijn hoed, zijn vertrouwde schoenen en de 30 Nederlandse guldens die hij nog in zijn portemonnee had.

De winter van 1944-1945 was één van de koudste van de eeuw. Het lichaam van Frans raakte totaal uitgeput door de chronische ondervoeding en de vrieskou. Begin januari 1945 brak er bovendien een epidemie van dysenterie uit in het kamp. De zware darminfectie teisterde de verzwakte gevangenen.

Op 12 januari 1945 werd Frans Jozef binnengebracht in de ziekenbarak (Revier). Op 24 januari 1945, om 2 uur 's nachts, overleed Frans Meynendonckx.

Officiële Duitse overlijdensakte (Sterbeurkunde) van Jozef Meynendonckx.
 

Op 26 oktober 1948 erkende de controlecommissie van Antwerpen Frans Jozef Meynendonckx postuum als Gewapend Weerstander voor zijn jarenlange trouwe dienst bij de NKB. In 1949 volgde de hoogste eer: per Koninklijk Besluit werd hem postuum het Kruis van Politieke Gevangene 1940-1945 met 2 sterren toegekend.

In 2026 werd Frans Meynendonckx geëerd met een struikelsteen die gelegen is voor de woning op het adres waar hij laatst verbleef: Vrijheid 37, Arendonk.